Home » Blog » Burn-out » Wat is jouw motivatie om te doen wat je doet?
Motivatie

Wat is jouw motivatie om te doen wat je doet?

door | 26 mrt, 2021 | Burn-out

Waarom kijk jij naar dat specifieke programma op TV? Wat maakt dat je lid bent van de sportschool of een bepaalde vereniging? Waarom wil je in het weekend juist wel of niet uitslapen en wat is de reden dat je bezig bent met gezonde voeding? Dit lijken geen moeilijke vragen, of toch wel? Heb je er wel eens over nagedacht wat de échte reden is waarom jij dingen doet? Wat is nou eigenlijk jouw motivatie om te doen wat je doet?

Als je deze vraag gaat beantwoorden moet je niet te lief zijn voor jezelf en geen genoegen nemen met antwoorden als: “Tja dat doe ik mijn hele leven al.” Ik wil je uitdagen om eens écht na te denken over de motivatie die jou drijft tot bepaalde keuzes en het gedrag wat je vertoont. Om te bepalen hoe vitaal jij bent, moeten we meer te weten komen over motivatie en de basisbehoeften van de mens.

 

Hoe vitaal ben jij?

Wanneer ik mensen de vraag stel: “Hoe vitaal ben jij eigenlijk?”, hebben ze meestal geen idee. Althans zij denken van wel, aangezien vitaliteit nog steeds een term is die mensen koppelen aan gezondheid. Veelgehoorde antwoorden gaan dan ook over de BRAVO zaken: Bewegen, Roken, Alcohol, Voeding en Ontspanning. Uitstekende zaken om mee bezig te gaan, maar dit gaat over leefstijl en niet over vitaliteit.

De verwarring komt voort uit de voorwaarden die vitaliteit stelt aan een goed leven. Vergelijk het met een tweejaarlijkse vakantierit naar Spanje onder verschillende omstandigheden. De ene rit is met een auto die voorzien is van een verstelbare stoel, cruise control, airco en navigatie. Ook is er weinig verkeer op de weg en zijn je medepassagiers vrolijk gestemd. De andere rit is met een auto zonder al deze gemakken en piept en kraakt aan alle kanten. Je zweet het uit, de kinderen op de achterbank maken constant ruzie en je partner kan geen kaartlezen. De ene file is nog niet voorbij en de volgende dient zich aan. De kans dat je het vol gaat houden om meerdere jaren op rij de rit te maken uit het tweede voorbeeld is een stuk kleiner dan het eerste voorbeeld.

“Het lukt me wel, ik kan het alleen niet volhouden”

Met de BRAVO leefstijlfactoren werkt het net zo. Werken aan je vitaliteit is veel beter vol te houden wanneer we focus kunnen behouden. En focus behouden we mede door de goede adviezen op te volgen die je vroeger van je ouders of leerkracht kreeg: “Niet roken, ga op tijd naar bed, drink alcohol met mate, eet je groente en je fruit, hang niet de hele dag op de bank, maar ga eens lekker buiten een wandeling maken in het bos” enz. Ze hebben je alleen nooit geleerd hoe je dit vol moet houden en dat is iets waar een vitaliteitsprofessional gelukkig raad mee weet.

Focus en motivatie

In afbeelding 1 zie je hoe je brein omgaat met focus en ik zal dit toelichten aan de hand van een voorbeeld. Stel je bent op dieet en je komt op een verjaardag waar allemaal lekkere dingen op tafel staan. Je hebt een lange werkdag achter de rug waarop je non stop achter je computer hebt gezeten en morgen weer verder moet, omdat je de deadline anders niet haalt. De stress van je werk bezorgt je slapeloze nachten. Terwijl je aan het appen bent met een collega die iets moet weten over het lopende project wat absoluut niet kan wachten, wordt jou een schaal met hapjes voorgehouden. Zonder dat je er erg in hebt, verdwijnt er die avond van alles in je mond.

Vitaliteit vanuit actieselectie

Afbeelding 1: Invloed van stress, slaapschuld, multitasking en beweegarmoede op onze focus.

Leefstijlfactoren als stress, slaap, bewegen en multitasking, zijn dus zaken waar vitaliteitstherapeuten wel naar kijken, maar alleen als middel om een groter doel te bereiken namelijk; een goed en vitaal leven. Want zonder focus wordt het allemaal een stuk moeilijker. In een eerdere blog ben ik al dieper ingegaan op het verschil tussen vitaliteit, gezondheid en leefstijl. Met deze blog ga ik verder de diepte in omtrent de inhoud van vitaliteit; waar een vitaal leven uit bestaat en wat ons motiveert.

Om te bepalen hoe vitaal jij in het leven staat, zullen we niet alleen moeten kijken naar de biologische en ecologisch basisbehoeften, maar ook naar de psychologische basisbehoeften (zie afbeelding 2). Wil je gebruik maken van de gratis vitaliteitstest op mijn website? Lees dan vooral verder. Deze blog geeft je namelijk inzicht in wat ik precies meet bij de vitaliteitstest en waarom.

Basisbehoeften vitaal leven

Afbeelding 2: Invloed van biologische, psychologische en ecologische basisbehoeften op vitaliteit.

Wat is motivatie

Motivatie is datgene wat jou drijft om bepaald gedrag te vertonen. Het zet je aan tot gedachten en handelingen als gevolg van allerlei impulsen die met elkaar strijden tot het moment dat er een bepaalde drempelwaarde overschreden wordt. Die impulsen vloeien onder andere voort uit biologische behoeften; zoals de behoefte aan eten of voortplanting. Naast de biologische behoeften ontstaat motivatie ook uit culturele normen. Dat zijn min of meer de ongeschreven regels van hoe wij met elkaar om willen gaan. En tot slot heeft de omgeving waarin je leeft ook invloed op je motivatie, omdat triggers van de omgeving je aanzetten tot specifieke impulsen. De combinatie van biologische, culturele en de omgevingsfactoren, heeft invloed op jouw motivatie.

 

Gemotiveerd door basisbehoeften

Het is allemaal best complex, maar de meeste wetenschappers zijn het er wel over eens dat motivatie een relatie heeft met behoeften. Je wordt dus gemotiveerd om een bepaalde behoefte te bevredigen. Misschien heb je wel eens gehoord van de behoeftepiramide van Abraham Maslow.

Piramide Maslow

Afbeelding 3: De piramide van Maslow.

Maslow is de grondlegger voor de humanistische stroming die meer filosofisch dan wetenschappelijk is. Abraham Maslow had het intuïtieve idee dat bepaalde behoeften in bepaalde volgorde bevredigd moeten worden en dat klinkt ook heel logisch. Je kunt je voorstellen als je omkomt van de honger, je niet bezig zal zijn met de verkiezingscampagnes van de politieke partijen; aangezien je dat niet kunt eten. En toch is het idee van Maslow in strijd met de observaties die er zijn.

Hoe werkt dat nou met de behoeften van de mens?

Een voorbeeld van deze tegenstrijdigheid is dat je gericht bent op zelfontplooiing, wat de top is van de piramide van Maslow, terwijl de fysiologische/biologische basisbehoeften juist het fundament van de piramide vormen. Stel je wil werken aan zelfontplooiing en om te kunnen ontplooien besluit je dat je wilt vasten. Het komt erop neer dat je je fysiologische behoeften om te eten negeert en het lijden als gevolg daarvan aanvaardt om te kunnen ontplooien. Een ander voorbeeld is dat je jezelf eten onthoudt omdat je je lichaam wil veranderen.

Dit zijn slechts twee voorbeelden waarin de verplichte stappenvolgorde in zijn piramide niet klopt. Er zijn wel meer wetenschappelijke theorieën, maar de meest complete en de best onderzochte theorie in relatie tot psychologische basisbehoeften (dus niet de biologische) is de zelfdeterminatietheorie, ook wel bekend als de zelfbeschikkingstheorie (ZDT)

Basisbehoeften vanuit de zelfdeterminatietheorie

De theorie is ontwikkeld door Edward L. Deci en Richard M. Ryan en op dit moment leidend als het gaat om het verklaren van de menselijke motivatie. De ZDT gaat ook over behoeften, maar heeft er drie gevonden die zo belangrijk zijn dat ze ‘de drie basisbehoeften’ worden genoemd. Volgens Deci en Ryan delen alle mensen drie aangeboren psychologische basisbehoeften:

  1. Autonomie: de mogelijkheid om zelf keuzes te mogen maken.
  2. Verbondenheid (verder afgekort als Binding): het hebben van betekenisvolle relaties.
  3. Competentie: ergens goed in willen zijn en zelfs meesterschap willen ontwikkelen.

Wat maakt een behoefte nu eigenlijk een basisbehoefte?

Dat is wanneer het in alle culturen terug kan worden gevonden. Het is ook aanwezig in elk persoon en dat maakt het een basisbehoefte. Veel mensen denken dat autonomie een westerse behoefte is en niet terugkomt in de Aziatische cultuur, maar het zit toch anders in elkaar. Dat komt omdat we autonomie verwarren met individualisme en de Aziatische cultuur is meer een collectieve cultuur dan de westerse cultuur.

Autonomie gaat over vrijwilligheid en zelf je eigen keuzes kunnen maken. Als je de keuze maakt om je bij een groep of geloofsovertuiging aan te sluiten ten koste van jezelf, dan is dat nog steeds vrijwillig. Het is niet individualistisch maar wel heel duidelijk autonoom. Begrijpen wat autonomie betekent en dat het dus niet hetzelfde is als individualisme, maakt het veel duidelijker waarom autonomie een basisbehoefte is.

 

Behoeftefrustratie en behoeftebevrediging

Een ander aspect van de ZDT in relatie tot de basisbehoeften is dat zij zowel een frustratie als een bevredigingskant benoemen. Dat betekent dat een basisbehoefte gefrustreerd kan zijn, wat gepaard gaat met negatieve emoties en dat je daar vooral vanaf wilt. Zo kun je bijvoorbeeld in je autonomie ernstig beperkt worden. De behoefte die dan ontstaat, is dat je weg wil van die beperking. Als een persoon jou die beperking oplegt dan wil je vooral afstand nemen van die persoon. Dat betekent dat je dan een behoeftefrustratie hebt.

Je kunt ook geen behoeftefrustratie hebben, maar er meer neutraal in zijn. Het gegeven dat je er neutraal in bent, wil nog niet zeggen dat jouw behoefte dan bevredigd is. Soms weet je namelijk niet wat jouw autonomie, binding of competentie bevredigt. Het feit dat jij niet gefrustreerd bent in je sociale netwerk, omdat je met voldoende mensen plezierig omgaat, wil nog niet zeggen dat je bevredigd bent. Je wordt pas bevredigd wanneer je de juiste mensen kunt vinden waar je graag mee om wil gaan. Daarom is er een verschil tussen frustratie en bevrediging.

“Waar komt die leegte die ik voel vandaan?”

In de praktijk zie ik dit heel vaak bij mensen met burn-out gerelateerde klachten. Ze vinden dat ze alles voor elkaar hebben en niet mogen klagen, maar toch voelen ze een bepaalde leegte. Dat heeft dus te maken met het gegeven dat er bepaalde behoeften niet gefrustreerd zijn, maar ook niet bevredigd. Stel je hebt een hele lieve partner maar jullie hebben erg uiteenlopende meningen over wat jullie belangrijk vinden. Er is geen ruzie en jullie laten elkaar je ding doen, maar je mist de verbondenheid op bepaalde vlakken. Ook dat hoeft geen probleem te zijn, want je kunt ook vrienden en familie om je heen verzamelen waarmee je dit wel kunt delen. Voor het voorbeeld kun je je indenken dat dit de psychologische basisbehoefte binding niet frustreert, maar ook niet bevredigt.

Als vitaliteitstherapeut ben ik gespecialiseerd om verder te kijken hoe we deze behoefte kunnen bevredigen. Dat geldt voor elke basisbehoefte. De ZDT is geen theorie die in de basis gaat over behoeften maar over motivatie. Omdat we weten dat motivatie wordt bepaald door basisbehoeften is het belangrijk om beide toe te lichten.

Motivatie vanuit de zelfdeterminatietheorie

Binnen de ZDT wordt onderscheid gemaakt tussen twee categorieën namelijk; de autonome regulatie en de gecontroleerde regulatie. Beide categorieën bevatten drie vormen van motivatie. De woorden motivatie en regulatie zijn synoniemen. Je hebt vast wel eens gehoord van de termen intrinsieke en extrinsieke motivatie. Dat is geen uitvinding van de ZDT, maar zij hebben daar wel hun inspiratie uitgehaald. Ze hebben dit uiteindelijk zo verfijnd, dat de term intrinsieke motivatie is behouden maar extrinsieke motivatie is overboord gegooid.

Vitaliteit vanuit motivatieperspectief

Afbeelding 4: Motivatie in vitaliteitsperspectief.

Autonome regulatie

Als we dan even richten op de autonome regulatie, het deel boven de horizontale streep, dan hebben we te maken met drie vormen van motivatie.

1. Intrinsieke motivatie

Allereerst gaat het om intrinsieke motivatie, het paarse vak. Soms wordt gedacht dat het vooral gaat over motivatie die van binnenuit moet komen. Intrinsieke motivatie komt ook van binnenuit, maar het is geen synoniem voor ‘van binnenuit komen’. Net als een koe die vier poten heeft, is niet alles met vier poten vanzelfsprekend een koe. Zo werkt het dus ook voor intrinsieke motivatie.

In de context van de ZDT betekent intrinsieke motivatie dat je dingen doet omdat je het leuk vindt. Omdat je gefascineerd of getriggerd bent. Naast intrinsieke motivatie heb je in de categorie autonome regulatie ook nog geïntegreerde en geïdentificeerde motivatie. “Nog meer moeilijke woorden?” Geen paniek! Ik zal alles toelichten zodat je snapt waarom deze termen van belang zijn om te begrijpen wanneer jij wil werken aan een vitaler leven.

2. Geïntegreerde motivatie

Wat is nu eigenlijk geïntegreerde motivatie? Dat je dingen doet omdat het past bij je normen en waarden. Een goed voorbeeld hiervan is dat je langs een prullenbak loopt en je ziet iets wat in de prullenbak hoort ernaast liggen. Bijna gedachteloos pak je het op en gooit het in de prullenbak en ook bijna gedachteloos loop je weer door. Dit is niet iets wat je doet omdat je het heel leuk vindt of omdat je gefascineerd bent. En als je het hebt gedaan, is het ook niet super belonend. Daarnaast is het ook niet bevredigend en er is niemand die opstaat om je een applaus te geven. De reden dat je het doet, is omdat jij vindt dat het gewoon zo hoort. Het is volgens jouw waarden en normen.

3. Geïdentificeerde motivatie

Geïdentificeerde motivatie is als je iets doet, omdat het een ander doel steunt wat je belangrijk vindt. Stel je kijkt uit naar een sabbatical die je volgend jaar hebt gepland en het is iets waar je al jaren hard voor werkt. Voordat je die sabbatical ingaat, wil je fit zijn en daarom ga je sporten. Je vindt sporten niet leuk en dat is de reden waarom je het niet deed. Maar je vindt het zo belangrijk om die sabbatical te doen en hier alles uit te halen, dat je bereid bent om te gaan sporten.

Kenmerkend aan de drie vormen van autonome regulatie is dat ze allemaal voortkomen uit de eigen vrije wil. Intrinsiek is omdat je het leuk vindt, terwijl geïntegreerde en geïdentificeerde regulatie vooral gaat over dingen doen die je belangrijk vindt en niet omdat je ze leuk vindt. Dit is heel belangrijk om in je achterhoofd te houden als je het nieuwe gedrag wil volhouden.

Gecontroleerde regulatie

De gecontroleerde regulatie, het deel onder de horizontale streep, bestaat ook uit drie motivatievormen.

1. Geïntrojecteerde regulatie

Dat is wanneer je dingen doet vanuit schaamte en schuld en is soms heel lastig te onderscheiden van intrinsieke motivatie. Een goed voorbeeld is dat je gaat sporten omdat je iets niet mooi vindt aan je lichaam. We hebben ongetwijfeld allemaal iets wat we niet mooi vinden aan ons lichaam en als dat verandert, zouden we het ook oprecht mooier vinden. Om die reden wordt het vaak verward met intrinsieke motivatie. Maar het gegeven dat we de wens hebben om er anders uit te zien, wil nog niet zeggen dat het ons aanzet tot actie.

Wat ook veel voorkomt is dat we nergens anders meer aan kunnen denken dan aan dat perfecte plaatje van hoe we eruit zouden willen zien. Meestal ligt er dan nog iets anders aan ten grondslag namelijk; dat we het willen veranderen door schaamte en schuld. Gemotiveerd worden vanuit schaamte en schuld is dweilen met de kraan open. Ook al doe je nog zo hard je best, op de langere termijn ga je het niet volhouden.

2. Externe regulatie

Ook externe regulatie valt onder gecontroleerde regulatie en we kunnen het vergelijken met de wortel en de zweep. Een voorbeeld van de zweep is als je langs een flitspaal rijdt. Misschien rijd je wel 120 km/u waar je maar 100 km/u mag. Opeens zie je de flitspaal, trapt op de rem en je passeert de flitspaal met 100 km/u. 200 meter verderop geef je weer volop gas, ondanks dat je nog steeds maar 100 km/u mag rijden. Je bent heel duidelijk extern gereguleerd en de motivatie gold alleen maar op het moment dat die externe regulator ook aanwezig was; in dit geval de flitspaal. Deze motivatievorm is dus heel duidelijk van korte duur.

Hetzelfde geldt voor de wortel. Een geldbeloning is een voorbeeld van de wortel. Er zijn veel taken die we niet echt vervelend vinden om te doen, maar die we nooit zelf zouden kiezen. Als je aan iemand vraagt of hij de taak ook zou uitvoeren op het moment dat hij er niet voor wordt betaald en je vervolgens aankijkt alsof je niet goed wijs bent, dan is het heel duidelijk dat hij extern gereguleerd is. Ook dat maakt een onderdeel uit van de gecontroleerde regulatie.

3. Amotivatie

De laatste in deze categorie is amotivatie en dat is als je helemaal geen motivatie hebt om iets te doen en je vooral berust. Je laat het over je heen komen. Dit is iets wat ik heel veel tegenkom in de praktijk bij mensen met SOLK of burn-out. Het is ontzettend belangrijk om alles uit te sluiten dus je moet je goed laten onderzoeken. Wanneer medisch specialisten alles hebben uitgesloten en jij ervan overtuigd bent dat je er alles aan hebt gedaan wat je kon, dan heb je gewoon keihard gewerkt! Na die periode kun je 2 dingen doen: afwachten totdat er wel een oplossing komt en dus berusten, of je gunt jezelf een goed leven mét de klachten.

En begrijp me niet verkeerd, want het is heel logisch dat je een oplossing wil, maar het is zonde om te wachten op een oplossing die er nog niet is, terwijl je ook aan de slag kunt gaan met het ontdekken wat voor jou het leven de moeite waard maakt mét de klachten. Amotivatie is in dit verhaal dus geen synoniem voor “luie draak”, maar is gekoppeld aan het niet accepteren dat er op dit moment nog geen oplossing is voor jouw problemen. En dat is geen knop die je even om kunt zetten, maar een proces waarbij ik je kan helpen.

Succes behalen

Motivatie samengetrokken

Heel kenmerkend aan de vormen van gecontroleerde motivatie is dat ze meestal van korte duur zijn. Van autonome regulatie als categorie, laten de onderzoeken zien dat ze je motiveren voor tenminste een duur van 2 jaar en mogelijk veel langer. Terwijl de gecontroleerde vormen van motivatie vaak 6 maanden of korter van duur zijn. De houdbaarheid is dus veel beperkter.

Wanneer je geïntrojecteerd gemotiveerd bent, maar het onbewust vermomd als intrinsiek gemotiveerd, dan begrijp je vaak ook niet waarom je het niet vol kunt houden. Na een paar maanden haak je alweer af. Ook met een flinke dosis wilskracht ga je er niet komen. En dit zeg ik niet om je een slappeling te laten voelen, maar om je bewust te laten worden van waarom je dingen wel of niet zou moeten doen. Dat is in mijn ogen wel zo eerlijk naar jezelf toe. Langdurige motivatie wordt dus niet alleen bepaald door hoe leuk je iets vindt, maar vooral door hoe belangrijk je het vindt.

Basisbehoeften vanuit de evolutietheorie

Nu we wat meer achtergrondinformatie hebben over motivatie maken we weer de koppeling naar de basisbehoeften en dit keer vanuit een evolutionair perspectief. Het is heel duidelijk dat evolutie ook gaat over biologische behoeften en dat de psychologische behoeften binnen de evolutietheorie gelijk zijn aan de ZDT. Toch zijn er verschillen.

Allereerst vertelt de ZDT je niet waarom juist Autonomie, Binding en Competentie de belangrijkste psychologische basisbehoeften zijn. Wat de ZDT je ook niet vertelt, is welke van de 3 het belangrijkste is. Sterker nog, binnen de ZDT zeggen ze dat de behoefte per persoon verschilt. Dat is ook zo maar toch lijkt er een hiërarchie in te zitten als we kijken naar de evolutie.

De evolutietheorie gaat uit van het idee dat wij uiteindelijk het product zijn van willekeurige mutaties. En dat die mutaties geleid hebben tot een combinatie die de grootste kans heeft om te overleven. Dit heeft geleid tot eigenschappen en één van die eigenschappen is de behoefte hebben tot iets specifieks namelijk; binding.

Binding

Wij hebben als mens door de millennia heen niet kunnen overleven zonder te behoren tot een groep. Dat is niet uniek voor de mens. Er zijn heel veel wezens die in een groep beter kunnen overleven dan in hun eentje. Maar als dat zo belangrijk is om te overleven, dan is het ook redelijk duidelijk dat wij om die reden graag betekenisvolle relaties willen. Sterker nog, zelfs als we weinig autonomie en competentie ervaren, willen we nog steeds behoren tot een groep. Zonder een groep kunnen we niet overleven en autonoom en competent zijn heeft niet zo veel nut als je dood bent. Daarom is willen behoren tot een groep de allerbelangrijkste basisbehoefte.

Competentie

Binnen die groep willen we ook graag goed functioneren, omdat dat bijdraagt aan veiligheid zodat we niet worden verstoten uit die groep. Goed functioneren betekent o.a. dat je competent / ergens goed in bent, want dat maakt je nuttig. Als er verschillende taken zijn en we kunnen daarin samenwerken, dan worden we als groep veel sterker. Nuttig zijn draagt bij aan veiligheid. Veiligheid is dus heel belangrijk om te overleven.

Autonomie

Wanneer ervaar je nou maximale veiligheid? Als je jezelf kunt zijn zonder dat je uit de groep wordt gezet. Autonomie is daar dus de vertegenwoordiger van. Bevredigd raken in je autonomie zonder dat je uit de groep wordt gezet, betekent dat het maximaal veilig is.

Afbeelding 4 en 5 kun je als het ware over elkaar heen leggen. In afbeelding 5 gaat het om de ABC van vitaliteit. Passie, zingeving, coping en escapisme vormen het fundament van mijn werkwijze en ga ik uitgebreid toelichten in een volgende blog om de schade in lengte enigszins beperkt te houden 😉.

Vitaliteit vanuit behoeftenperspectief

Afbeelding 5: Psychologische basisbehoeften in vitaliteitsperspectief.

Wat voor nut heeft hetgeen wat je doet?

Binnen de evolutietheorie kijken we ook nog naar functie. Wat voor nut heeft het. Stel je voor dat je op een onbewoond eiland zit met een groep mensen en binnen die groep zijn er verschillende mensen met wie je samenwerkt. Je kunt met elkaar eten verzamelen, jagen, onderdak bouwen, beschutting zoeken, elkaars kinderen verzorgen terwijl anderen eten aan het vergaren zijn etc. Dus dat samenwerken / binding is heel belangrijk.

Stel je voor dat je heel graag iets wil doen wat je zelf leuk vindt, maar wat niet per definitie nuttig is voor die groep? Laten we zwemmen nemen als voorbeeld. De mensen in de groep snappen niet waarom jij zo graag wil zwemmen, aangezien je geen kieuwen en zwemvliezen hebt, maar ze laten je je gang gaan. Als je dan vervolgens gaat zwemmen omdat je dat leuk vindt en het wordt toegestaan door de groep, dan word je versterkt in je autonomie. Je gaat het ontwikkelen en hierdoor word je ook competent.

Dagelijks duik je het water in, zwemt steeds verder en opeens ontdek je een ander eiland wat vanaf jullie standplaats niet te zien is. Je keert terug en vertelt aan de anderen dat je een eiland hebt ontdekt. Zij geloven je niet dus de volgende dag zwem je er weer heen en dan laat je zien dat je iets mee hebt genomen. Sommigen vinden het wel leuk en interessant, maar de meesten halen hun neus ervoor op.

Op een dag gebeurt er iets op jullie eiland. Het voedsel raakt op en dat betekent dat de veiligheid van de groep in het geding is. Jij ziet dit helemaal niet als een probleem, want er is een ander eiland en je gooit je ideeën hierover nog eens in de groep. Ze geloven jou om verschillende redenen: Allereerst ben jij heel overtuigend omdat je inmiddels zo vaak op dat eiland bent geweest en erover hebt verteld. Daarnaast heb je bewijs meegebracht van het andere eiland en dat betekent dat mensen bereid zijn om jou te volgen. Doordat ze dat doen, gaan ze leren zwemmen en zullen ze uiteindelijk op dat andere eiland komen. Hierdoor is het voortbestaan van de groep gegarandeerd.

Als je nooit had kunnen doen wat je wilde (autonomie) namelijk; zwemmen, was je nooit goed geweest in zwemmen (competentie). Dan had je nooit het andere eiland kunnen ontdekken en had dat niet kunnen leiden tot het redden van jullie als groep. Hier zie je hoe de drie basisbehoeften (ABC), ook vanuit een evolutionair perspectief op hun plek vallen. De evolutietheorie vertelt ons dus heel duidelijk waarom het deze drie basisbehoeften moeten zijn en ook dat er een hiërarchie is.

 

Conclusie

Het evolutionair perspectief voegt heel veel toe aan de ZDT. De ZDT gaat in eerste instantie over motivatie en niet zozeer over basisbehoeften. Die basisbehoeften vormen een voorwaarde om autonoom gereguleerd te zijn, wat een grote rol speelt bij volhouden. Als we die basisbehoeften dan verder analyseren vanuit een evolutionair perspectief, zien we dat er een hiërarchie is die wordt bepaald vanuit veiligheid. De hiërarchie is binding, gevolgd door competentie en dan autonomie. Dat betekent dat autonomie heel duidelijk een fundament nodig heeft. Ik noem het ook wel de kers op de taart als het gaat om een vitaal leven.

De vitaliteitstest, die de belangrijkste zaken meet van hoe vitaal jij bent, meet o.a. de ABC. Met de informatie in deze blog kun je veel meer waarde halen uit jouw score.

Ontdek hoe vitaal jij bent en vul de gratis vitaliteitstest in!

 

Vitaliteitsscore basisbehoeften

Over Christi

Vitaliteit blogWil jij ook weer controle krijgen over jouw klachten? Ik inspireer je graag met mijn blogs over vitaliteit.

Gerelateerde artikelen

Als eigenwaarde je grootste vijand wordt

Als eigenwaarde je grootste vijand wordt

Eigenwaarde is iets waar de meeste mensen wel een potje van zouden kopen als dit op de markt kwam. Hoe fijn zou het zijn als je jezelf zou waarderen, meer van jezelf kunt houden en in de spiegel kunt kijken en gewoon tevreden bent met wat je ziet? Dit is waar we eigenwaarde mee associëren, maar moeten we er wel op die manier naar kijken? En wat kun je doen als je een lage eigenwaarde hebt?

Lees meer
Burn-out en depressie; wat is het verschil?

Burn-out en depressie; wat is het verschil?

Burn-out associëren we met hard werken en het wordt ook wel gepresenteerd als ‘chronische stress op de werkvloer’. Maar wat als je voldoet aan alle symptomen van een burn-out en helemaal niet werkt? Noemen we het dan een depressie? Of ben je overspannen? In mijn blog lees je wat de verschillen zijn tussen een burn-out, depressie en overspannenheid en hoe een vitaliteitstherapeut kan helpen.

Lees meer

0 reacties

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Hoe vitaal ben jij

Hoe vitaal ben jij?

Schrijf je in en blijf op de hoogte van mijn nieuwste blogs en artikelen met gratis kennis om vitaal door het leven te gaan!

Bedankt voor je aanmelding!

Tweet
Share
Share
Pin